Regio IJsselmeergebied

Het IJsselmeergebied is het natte hart van Nederland en de spil van de waterhuishouding van het hele land. De meren herbergen een zoetwatervoorraad waar landbouw, industrie en natuur in een groot deel van Nederland van profiteren. Bovendien watert een groot gebied op het IJsselmeer af.

Om ervoor te zorgen dat er genoeg zoetwater voorradig is en overstromingen worden voorkomen, reguleert Rijkswaterstaat de waterstand door middel van peilbeheer. Dit was tot voor kort een vast peil, waarbij het water in de zomer hoger staat dan in de winter. Inmiddels is een nieuw peilbesluit vastgesteld. In plaats van een vast zomerpeil komt er een peil met een bandbreedte waarbinnen het peil mag fluctueren. Het peilbesluit geeft invulling aan de Deltabeslissing IJsselmeergebied. In het verlengde van het peilbesluit maakt Rijkswaterstaat ook nieuwe afspraken met de waterschappen in en om het IJsselmeergebied. Zij gaan over het waterpeil in de polders. Het is van belang dat de waterpeilen van de meren en de aangrenzende polders op elkaar aansluiten.

Slim Watermanagement
Aan de hand van de principes van ‘Slim Watermanagement’ wordt het waterbeheer geoptimaliseerd in een proces dat tot 2020 loopt, waarbij een afweging plaatsvindt tussen de volgende doelen:
• het beschikbare water slim benutten;
• de verschillende functies van/in het IJsselmeer en de omliggende gebieden zo goed mogelijk bedienen;
• het energieverbruik van het waterbeheer minimaliseren.

Stand van zaken
Het realiseren van slim watermanagement wordt gecombineerd met het operationaliseren van flexibel peilbeheer. Dat gebeurt in verschillende fases:

  • In de (inmiddels afgeronde) voorbereidingsfase hebben Rijkswaterstaat en waterschappen in beeld gebracht hoe de watersystemen in en rond het IJsselmeergebied in samenhang functioneren. Daarbij deelden zij niet alleen hun kennis over het systeem maar ook data en modellen. In deze fase zijn ook eerdere momenten van extreme situaties (vooral droogte) geanalyseerd, inclusief de genomen beheersmaatregelen. Daarbij bespraken de beheerders hoe ze elkaar in die omstandigheden hadden kunnen helpen, als er afspraken waren gemaakt.
  • In de (huidige) ontwikkelingsfase zoeken Rijkswaterstaat en de waterschappen naar oplossingen om het waterbeheer te optimaliseren. Daarbij wordt ook naar extreme situaties gekeken en ligt de focus op de ontwikkeling van redeneerlijnen voor zowel droogte als wateroverlast.
  • Tegelijkertijd wordt er aan de informatievoorziening gewerkt: een goede uitwisseling van data is onontbeerlijk om te handelen in een bepaalde situatie. Met behulp van simulaties worden de oplossingen geoefend en worden afspraken vastgelegd.